De nieuwste editie van Veenmol is verschenen, tegelijk met het bijzondere boek De rozenkwekers van Hoogeveen. Ook dit nummer biedt weer een mooie mix van verhalen en herinneringen. Zo vertelt Jannie de Jonge-Blaauw over haar tijd als verpleegster in gebouw Irene, deelt Alice Bieringa haar gekoesterde herinneringen aan zwembad De Bottertippe en lezen we het ontroerende verhaal Le petit histoire van wijlen Jan Berends. Daarnaast aandacht voor de oorsprong van plaatsnamen, het jubileum van de OSG en boerderij Veenlust.


Jongste veenmol


VEENMOL 2025-3 – OPNIEUW EEN MOOI NUMMER!!

Inmiddels hebben alle leden van de Historische Kring Hoogeveen Veenmol 2025-3 ontvangen, tegelijk met het prachtige boek ‘De rozenkwekers van Hoogeveen’.

We hebben geprobeerd in deze Veenmol een mooie afwisseling te bieden. Als u de achterkant van deze Veenmol al hebt gezien, weet u vast dat al die fietsen voor zwembad De Bottertippe in Hoogeveen staan. De vader van Alice Bieringa maakte deze foto en ze legt in deze editie uit waarom ze die foto en haar herinneringen aan het zwembad zo koestert.

Ook de foto op de voorkant is u vast opgevallen. Het is Jannie Blaauw (nu Jannie de Jonge-Blaauw) die als verpleegster in gebouw Irene (dependance van ziekenhuis Bethesda) heeft gewerkt. Zij deed haar verhaal over haar werkzame tijd in gebouw Irene aan Greet Koopmans.

De Jonge vertelt: “Als verpleegkundige moest er ook weleens op zondag worden gewerkt, maar je mocht dan wel naar de kerk. Dat mocht echter niet te veel tijd in beslag nemen, daarom moest je je uniform aanhouden, met daar overheen je zwarte regenjas, als je naar de kerk ging. Je mocht er even tussenuit onder werktijd, maar zo snel mogelijk weer terugkomen.” En voor wie de levensgrote pop ziet staan, met verpleegsteruniform, in gebouw Irene: dat uniform ís van Jannie de Jonge.

Ook een parel van een verhaal in deze editie: ‘Le petit histoire’ van wijlen Jan Berends. Hij schreef begin dit jaar zijn herinneringen op aan ‘zijn Hoogeveen’. Hij is onlangs overleden, een paar dagen na zijn broer Freek, en hij vertelde vlak daarvoor dat hij hoopt dat er meer mensen zijn die hun eigen geschiedenis op papier willen zetten. Want dat is enorm kostbaar.

We kregen veel reacties op de rubriek ‘Wie weet wat dit is’. Het is meteen de laatste van deze serie. Initiatiefnemer Eddy Duinkerken overleed in mei.

Onder meer in Veenmol 2025-3: waar komt deze naam vandaan, het jubileum van de Openbare Scholengemeenschap (OSG) in Hoogeveen en boerderij Veenlust tussen Noordscheschut en Geesbrug.

Je leest er alles over in deze Veenmol. Nieuwsgierig geworden naar al deze en andere mooie verhalen? Wordt dan lid van de Historische Kring Hoogeveen voor € 25,00 per jaar via de link Inschrijven als lid – Historische Kring Hoogeveen

Hiervoor krijgt vier keer per jaar de Veenmol, mag u gratis naar onze kringmiddagen of -avonden, mag u deelnemen aan eventuele excursies en ontvangt u gratis het volgende boek dat wordt uitgegeven door de Historische Kring Hoogeveen!

Cadeausuggestie: geef tijdens de feestdagen iemand een jaarabonnement van de Historische Kring Hoogeveen cadeau. Dat kan eveneens via de link in dit artikel.

  Vaste rubrieken
– Historiael van de redactie
– Van de voorzitter
– Uitnodiging kringavond
– Nieuwe leden
– Nieuw in archief en bibliotheek
– Reacties op eerder geplaatste artikelen
– Zoekplaatjes

De Veenmol is voor 6 euro te koop bij de ledenadministrateur, boekhandel !Pet, de Bibliotheek en in de bibliotheek van de Historische Kring Hoogeveen.

In de index van De Veenmol vindt u een volledig overzicht van alle onderwerpen die ooit in dit tijdschrift zijn gepubliceerd. Klik hier om de index in PDF-formaat te openen.

Wilt u op naam van auteur of onderwerp zoeken binnen De Veenmol? Bezoek dan de digitale omgeving van het Geheugen van Drenthe, waar de historische verenigingen in Drenthe hun publicaties digitaal beschikbaar stellen.


De naam van het verenigingsblad  – De Veenmol

 

Op 11 juni 1964 werd door de heer G.A. Pet een beeldplastiek van een veenmol onthuld in het Raiffeisenpark te Hoogeveen. Het was een geschenk van de Bouwvereniging Hoogeveen aan de gemeente, ter gelegenheid van het 50-jarig jubileum van de Bouwvereniging Hoogeveen. Ontwerper was de beeldhouwer W.J. Valk te Eelderwolde. Daar deze veenmol nog al eens beschadigd werd, heeft bij later een plaats gekregen in de binnentuin van het Raadhuis.

Het bestuur van onze kring heeft toch nog als naam voor onze periodiek ·’De Veenmol’ gekozen. Bij nader onderzoek bleek het diertje minder schadelijk te zijn, dan aanvankelijk werd gedacht.

Evenals de gewone mol graaft de veenmol een uitgebreid gangenstelsel onder de grond. Dat is dan wel het enige punt van overeenstemming. De gewone mol is een zoogdier, de veenmol een insekt.

In het bekende boek van Grzimek: ‘Het leven der dieren’, vinden we in deel II, dat over de insekten handelt, een paragraaf gewijd aan de veenmollen. We laten daaruit enkele gegevens volgen.De inheemse veenmol of molkrekel leeft zowel in lichte zandgrond, als in zware leemgrond. Het dier komt normaliter alleen in de paartijd, van mei tot juni, aan de oppervlakte. De ondergrondse gangen worden in alle richtingen aan­gelegd. Alleen om het nest heen verloopt een spiraalgang, die enerzijds uitmondt in het nest en waarvan het andere uiteinde ver daar vandaan aan de oppervlakte komt.

In het nest produceert het wijfje van mei tot november 200-300 eitjes in verscheidene legsels, zodat men er eitjes en larven van uiteenlopende leeftijd kan aantreffen. In het begin voeden de jongen zich met humus en met de in het hol naar beneden hangende worteltjes, waarvan het wijfje steeds nieuwe blootlegt door het afkrabben van de wanden. In volwassen stadium leven de veenmollen voornamelijk van dier­lijke kost, in het bijzonder engerlingen, ritnaalden, vlinderpoppen, meikevers en aardrupsen, dus hoofdzakelijk van schadelijk gedierte. Daarnaast eten ze echter ook de voor de rulheid van de bodem zo nuttige regenworm. Zelf hebben ze veel vijanden onder de vogels, mollen en spits-muizen. Ook de vorst en vooral een te grote vochtigheid kunnen de veenmollen fataal worden. Het dier dreigt uit te sterven.

Tot zover Grzimek.